Flesvoeding

> home > zwangerschap > Flesvoeding

flesvoeding

Je kan na de geboorte van je kind kiezen om borstvoeding te geven of om voeding uit flesjes te geven, je kan beide ook combineren. Wanneer een vrouw zelf niet voldoende melk kan procederen met de melkklieren die in de borst van de vrouw zitten kan je best je baby flesvoeding geven of combineren met borstvoeding. Flesvoeding moet je eerste geleidelijk opbouwen en daarna terug geleidelijk afbouwen. Wanneer je geen borstvoeding geeft en enkel flesvoeding moet je er zeer goed op letten dat je de melk lichtjes voorverwarmd, maar maak ze niet te warm. Test daarom zelf altijd met een beetje druppeltjes melk op je hand, om te voelen of de melk niet te warm is.

Naarmate je baby ouder zal worden zal u het aantal CC in de flesjes moeten verhogen. Dit doe je meestal door de dosis water te verhogen, wanneer je dit doet moet je de dosis melkpoeder evenredig verhogen. Wanneer je baby dan nog ouder is zal je het aantal keer flesvoeding per dag gaan verminderen, en geleidelijk aan met fruitpap of groentenepap beginnen. Nog later kan je dan volledig overschakelen op vaste voeding (fruitpap en groetepap.) Dan zal je baby enkel nog water drinken na op tijdens het eten van de pap.